Er staat een stukje Part op. Alina. In ‘Spiegel im Spiegel’ druppelen de pianonootjes een voor een voorbij. Als regen die nog na de bui uit de bomen in de plassen lekt. Verder gebeurt er niets.
Ik betrap me er op dat na een paar minuutjes hiervan ik snel wil overschakelen op iets anders. Het is een onrust, een gevoel dat er iets gebeuren moet, ingegeven door een gebrek aan doorlopend aanbod van prikkels.
Het is een relatieve stilstand, wanneer je het op globale schaal bekijkt. Op micro-schaal gebeurt er vanalles. En het is raar dat dit nu juist het gevoel oproept dat er wat gebeuren moet, dat dit een onrust opwekt. Het stukje duurt maar 10 minuten, en hoeveel stukjes van 10 minuten zitten er niet in een dag waarop er welbeschouwd geen donder gebeurt, ondanks alle prikkels?